Blog Échte psychiatrie

Januari 2013

Door Cathelijne Wildervanck

Gistermiddag was ik spreker op een congres. Er waren nogal wat psychiaters aanwezig, zo ook één van de andere sprekers. Met hem raakte ik na afloop in gesprek en the day after ben ik daar nog steeds beduusd van en ook wel een beetje verdrietig over. Ik deel even de conversatie met deze niet met name te noemen psychiater.

Allereerst kwam er een subtiel tussendoor geplaatste opmerking: “Ja, maar wat jij doet is geen echte psychiatrie.” Pardon? Bestaat er echte en niet echte? Eigenlijk zou ik me hier niet druk over moeten maken, want zo dol ben ik ook weer niet op het woord psychiatrie. Maar ik maak me wel druk. Want met dit kleine zinnetje doet hij onrecht aan de mensen die na zoveel diagnoses, zoveel medicatie, zoveel onmacht en tegenslag in het leven zo prachtig zijn opgebloeid! En die mensen zijn er, en die fladderen dan ook door mijn hoofd als iemand zoiets zegt. Ze zijn een beetje bij me. De mensen die er ‘in de echte psychiatrie’ niet uit kwamen. De mensen die van mij niet nog meer over hun problemen mochten praten want dat hadden ze al genoeg gedaan. Ik probeerde hem dit uit te leggen. Waarop hij zei: “Ja, maar ik werk met mensen die echt heeeeeel veeeeeel hebben meegemaakt. En dan kom je er niet met jouw positieve psychologie. Dan moet je echt wel ook moeilijk kijken en accepteren dat het gewoon heel zwaar is. En mijn ervaring is dat het dan jaren, soms wel drie of vier jaar kost.”
Misschien stom dat ik het gesprek daar niet afgebroken heb. Maar ik probeerde hem vervolgens uit te leggen dat in mijn opinie als iemand al een lang leven vol therapie achter de rug heeft, hij of zij er wellicht juist nu wél aan toe is om snel een slag te kunnen slaan. En dat ik ervaring heb met mensen dat 6 of 7 sessies lifechanging kunnen zijn (en ik hield me nog in, want juist bij mensen die al veel gedaan hebben kan het nog sneller gaan. Een keer de juiste knop vinden…).
En toen…. en dat vond ik het meest verdrietig… vroeg ik: “Maar word je dan niet een klein beetje nieuwsgierig als iemand zegt dat het in zo weinig sessies wél kan?” Nee, hij werd niet nieuwsgierig. Hij ging al decennia mee in dit vak, dus nee, hij werd hier niet nieuwsgierig van.

Lieve mensen, het gaat mij niet om erkenning van mezelf. Ik hoef niet de status van ‘echte psychiatrie’. En wat wij in onze centra doen zal vast niet voor iedereen het toverstafje zijn. Het zal vast niet bij iedereen werken. Maar ik heb zulke waanzinnig mooie mensen zien opbloeien en in hun kracht zien komen dat ik vind dat ze tekort gedaan worden als je eigenlijk zegt dat dat niet kan. Ik vind dat je patiënten tekort doet door er bij voorbaat vanuit te gaan dat ze lang en veel begeleiding nodig hebben omdat ze tot ze jou als hulpverlener ontmoeten een rotleven hebben gehad.
En als dit stuk te opstandig klinkt: ik ben niet tegen iets, niet tegen psychiatrie, niet tegen medicatie. Maar ik ben voor doen wat werkt, voor mensen een stap verder helpen, of je dat nu echt of niet echt noemt.